De Corporate Sustainability Reporting Directive CSRD) is de Europese richtlijn die de duurzaamheidsverslaglegging voor bedrijven in de Europese Unie ingrijpend verandert. Deze wetgeving is sinds januari 2023 van kracht en vanaf het boekjaar 2024 moeten de eerste grote ondernemingen verslag uitbrengen over hun ESG-prestaties. Dit betekent dat duurzaamheidsverslaglegging nu op hetzelfde niveau komt te staan als financiële verslaglegging.
De CSRD heeft gevolgen voor grote bedrijven, beursgenoteerde ondernemingen, maar ook voor mkb-bedrijven in de keten en niet-EU-ondernemingen met aanzienlijke activiteiten in de EU. Of je nu rechtstreeks onder de richtlijn valt of indirect via klanten en financiers te maken krijgt met verzoeken om gegevens: de CSRD raakt vrijwel elke schakel in de waardeketen.
Dit moet je nu weten:
- Grote ondernemingen van openbaar belang brengen vanaf het boekjaar 2024 verslag uit
- De rapportage vindt plaats volgens de European Sustainability Reporting Standards (ESRS)
- Dubbele materialiteit vormt de kern van de analyse
- Het duurzaamheidsverslag wordt onderdeel van het bestuursverslag en vereist een assurance-beoordeling
- Ook bedrijven die niet direct onder de CSRD vallen, krijgen te maken met verzoeken om gegevens vanuit de keten
Wat is de Corporate Sustainability Reporting Directive CSRD)?
De CSRD, formeel Richtlijn (EU) 2022/2464, is op 14 december 2022 aangenomen door de Europese Commissie en op 5 januari 2023 in werking getreden. Het is de opvolger en uitbreiding van de Non-Financial Reporting Directive (NFRD) uit 2014, die slechts voor ongeveer 11.700 grote ondernemingen gold. De corporate sustainability reporting directive dit uit naar circa 50.000 ondernemingen.
Onder de CSRD moeten bedrijven rapporteren over drie pijlers: milieu (CO₂-uitstoot, energie, water, biodiversiteit), maatschappij (werknemers, mensenrechten, impact op de keten) en governance bestuur, toezicht, beloningsbeleid, risicobeheer). Deze niet-financiële informatie wordt een integraal onderdeel van het bestuursverslag en is onderworpen aan assurance. Aanvankelijk betreft dit limited assurance, met mogelijke uitbreiding naar reasonable assurance in latere jaren.
De richtlijn sluit aan bij het Europese Green Deal-kader en de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. De koppeling met de EU-taxonomieverordening is essentieel: bedrijven moeten rapporteren welk percentage van hun omzet, kapitaaluitgaven en operationele kosten in overeenstemming is met de taxonomiecriteria. Daarnaast vormt de CSRD een basis voor de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD).
Concrete rapportageonderwerpen zijn bijvoorbeeld:
- Scope 1-, 2- en 3-broeikasgasemissies
- Waterverbruik en de gevolgen voor de biodiversiteit
- Arbeidsomstandigheden van eigen werknemers en in de toeleveringsketen
- Diversiteitsbeleid en beloningsverhoudingen binnen het bestuur
- Anticorruptiebeleid en lobbyactiviteiten
Voor wie geldt de CSRD en vanaf wanneer?
De invoering van de CSRD verloopt gefaseerd. De verplichting hangt af van de bedrijfsgrootte, de beursnotering en of een onderneming een zetel in de EU heeft. Dit betekent dat verschillende categorieën bedrijven op verschillende momenten met de rapportage moeten beginnen.
Voor de definitie van „grote onderneming“ gelden vanaf boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2025 nieuwe drempels: een balanstotaal van meer dan € 25 miljoen, een netto-omzet van meer dan € 50 miljoen, of gemiddeld meer dan 250 werknemers. Een onderneming valt onder de CSRD wanneer zij aan ten minste twee van deze drie criteria voldoet.
Tijdlijn per categorie
| Boekjaar | Rapportage in | Voor wie geldt deze verplichting |
|---|---|---|
| 2024 | 2025 | Grote ondernemingen van openbaar belang (OOB’s) met meer dan 500 werknemers die al onder de NFRD vielen |
| 2025 | 2026 | Andere grote EU-ondernemingen die aan de nieuwe drempels voldoen |
| 2026 | 2027 | Beursgenoteerde mkb-bedrijven (opt-out mogelijk tot 2028) |
| 2028 | 2029 | Grote niet-EU-concerns met een EU-omzet van meer dan 150 miljoen euro en ten minste één grote of beursgenoteerde dochteronderneming of bijkantoor in de EU |
Let op: er gelden consolidatieregels. Veel dochterondernemingen vallen onder de groepsrapportage van de moedermaatschappij en hoeven zelf geen afzonderlijke rapportage in te dienen.
Bedrijven die niet direct onder de CSRD vallen, krijgen er indirect mee te maken als leverancier of ketenpartner. Grote afnemers zullen hun toeleveranciers omdata om hun eigen ketenrapportage te kunnen opstellen. Dit heeft gevolgen voor de hele economie.
Belangrijke CSRD-begrippen: dubbele materialiteit en waardeketen
Het begrip dubbele materialiteit vormt de kern van de CSRD-rapportage. Dit houdt in dat bedrijven duurzaamheidskwesties vanuit twee perspectieven moeten beoordelen: impact-materialiteit (de impact van het bedrijf op mens en milieu) en financiële materialiteit (het effect van ESG-risico’s en -kansen op de onderneming zelf).
Een systematische materialiteitsanalyse is verplicht, waarbij belanghebbenden zoals werknemers, klanten, investeerders en maatschappelijke organisaties moeten worden geraadpleegd. Deze dubbele benadering zorgt ervoor dat rapportages niet alleen voldoen aan de nalevingsvereisten, maar ook strategische waarde hebben voor risicobeheer en het identificeren van kansen voor duurzame groei.
De waardeketen in kaart brengen
De CSRD vraagt bedrijven om hun volledige waardeketen te analyseren: van grondstoffen en leveranciers tot distributie, het gebruik van producten en de afdankfase. Dit sluit aan bij internationale kaders zoals de VN-richtlijnen inzake bedrijfsleven en mensenrechten, de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen en kaders voor zorgvuldigheidsonderzoek.
Risico’s, kansen en gevolgen moeten worden beoordeeld op de korte, middellange en lange termijn. Denk bijvoorbeeld aan klimaatrisico’s tot 2050 of arbeidsrisico’s bij toeleveranciers in bepaalde landen.
Voorbeelden van materiële onderwerpen per sector:
- Automobielsector: Scope 3, mensenrechten in grondstoffenketens (bijvoorbeeld kobaltwinning), transitieplannen naar elektrificatie
- Financiële dienstverlening: Klimaatrisico’s in beleggingsportefeuilles, duurzame financieringsratio’s
- Voedingsindustrie: waterverbruik, gevolgen voor de biodiversiteit, arbeidsomstandigheden in de agrarische keten
- Technologie: energieverbruik van datacenters, e-afval, gegevensprivacy van consumenten
Europese standaarden voor duurzaamheidsverslaglegging (ESRS)
De Europese normen voor duurzaamheidsverslaglegging zijn de bindende normen voor duurzaamheidsverslaglegging in het kader van de CSRD. Ze zijn ontwikkeld door EFRAG (European Financial Reporting Advisory Group) en de eerste reeks is op 31 juli 2023 door de Europese Commissie aangenomen. Sinds 22 december 2023 zijn deze normen van kracht.
Structuur van de ESRS
Algemene normen:
- ESRS 1: Algemene vereisten voor de rapportage
- ESRS 2: Algemene informatievereisten (verplicht voor alle bedrijven)
Milieu:
- ESRS E1: Klimaatverandering
- ESRS E2: Vervuiling
- ESRS E3: Water en mariene hulpbronnen
- ESRS E4: Biodiversiteit en ecosystemen
- ESRS E5: Grondstofverbruik en circulaire economie
Sociaal:
- ESRS S1: Eigen personeel
- ESRS S2: Werknemers in de waardeketen
- ESRS S3: Getroffen gemeenschappen
- ESRS S4: Consumenten en eindgebruikers
Governance:
- ESRS G1: Bedrijfsvoering, bedrijfscultuur, corruptiebestrijding, lobbyactiviteiten
Er worden momenteel sectorspecifieke ESRS-normen ontwikkeld voor sectoren met een grote impact, zoals de energiesector en de automobielindustrie. Voor het midden- en kleinbedrijf worden vereenvoudigde VSME- en LSME-normen voorbereid, die naar verwachting rond 2026-2028 zullen worden ingevoerd.
Belangrijk: CSRD-rapportages moeten digitaal worden aangeleverd in een gestructureerd, machinaal leesbaar formaat (XBRL in het Europees Single Electronic Format). Dit maakt het mogelijk om de gegevens in een centrale EU-database samen te voegen.
CSRD en het MKB: directe en indirecte gevolgen
De meeste niet-beursgenoteerde mkb-bedrijven vallen juridisch gezien niet rechtstreeks onder de CSRD. Toch krijgen ze er wel mee te maken door CSRD-gegevensverzoeken van klanten, financiers en verzekeraars. De impact van de waardeketenrapportage reikt verder dan de bedrijven die niet direct rapportageplichtig zijn.
Wat kunnen grote afnemers verwachten?
In de periode 2025-2028 zullen grote ondernemingen hun mkb-leveranciers steeds vaker vragen om:
- data Scope 1, 2 en relevante Scope 3)
- Informatie over de herkomst van grondstoffen
- Arbeidsomstandigheden en mensenrechtenbeleid
- Relevante certificeringen (ISO 14001, SA8000, enz.)
- Beleid inzake diversiteit, integriteit en gegevensbescherming
MKB-bedrijven kunnen kiezen voor een vrijwillige, vereenvoudigde rapportage via VSME ESRS. Dit helpt om aantrekkelijk te blijven voor grote klanten en banken, en voorkomt dat bedrijven bij elk verzoek om gegevens opnieuw moeten beginnen.
Praktijkvoorbeelden:
- Een productiebedrijf dat aan grote afnemers in Nederland informatie moet verstrekken over energieverbruik en de herkomst van materialen
- Een dienstverlener die beleid op het gebied van diversiteit, integriteit en gegevensbescherming inzichtelijk moet maken voor institutionele klanten
- Een transportbedrijf dat de CO₂-uitstoot per rit aan opdrachtgevers moet kunnen rapporteren
Hoe bereid je je voor op CSRD-rapportage?
De voorbereiding op de CSRD begint idealiter 12 tot 24 maanden vóór de eerste verplichte rapportage. Gegevens, processen en governance op tijd op orde zijn. Een gestructureerde aanpak, gekoppeld aan het OESO-model met zes stappen voor due diligence, helpt bedrijven om deze complexe rapportagevereisten stap voor stap aan te pakken.
Stappenplan voor de voorbereiding op de CSRD
Stap 1: Bepaal of de richtlijn van toepassing is. Ga na of en vanaf wanneer jouw organisatie onder de CSRD valt. Houd rekening met groepsstructuren en consolidatieregels. Vraag: „Voldoen wij aan ten minste twee van de drie drempelwaarden?“
Stap 2: Zorg voor governance. Stel een interne projectgroep samen, betrek het bestuur en de raad van commissarissen/toezichthouders erbij en leg duidelijke verantwoordelijkheden vast. Vraag: „Wie draagt de eindverantwoordelijkheid voor de ESG-rapportage binnen onze organisatie?“
Stap 3: Voer een materialiteitsanalyse uit Voer een dubbele materialiteitsanalyse uit in overleg met belanghebbenden en leg de aanpak systematisch vast. Vraag: „Welke ESG-thema’s zijn materieel vanuit zowel impact- als financieel perspectief?“
Stap 4: Breng dataprocessen in kaart Breng in kaart welkedata beschikbaar zijn via HR, facilitaire diensten, finance, inkoop en IT. Verbeter de gegevenskwaliteit waar nodig. Vraag: „Welke Scope 1-, 2- en relevante Scope 3 kunnen we al meten?”
Stap 5: Stel beleid en doelstellingen vast. Definieer beleid, doelstellingen (bijvoorbeeld CO₂-reductiedoelstellingen in lijn met 2030/2050) en prestatie-indicatoren. Vraag: “Hebben wij concrete, meetbare doelstellingen voor de toekomst?”
Stap 6: Ontwerp het rapportageproces Zet het CSRD-rapportageproces op, inclusief interne controles, een audittrail en samenwerking met de accountant voor assurance. Vraag: „Hoe zorgen we voor een betrouwbaar en controleerbaar rapport?“
Begin met een nulmeting in het lopende jaar en stel een realistisch stappenplan op voor de eerste CSRD-rapportage. Maak gebruik van trainingen, praktijkgidsen en digitale hulpmiddelen om de ESRS-vereisten te vertalen naar concrete data en rapportagevereisten.
Nadere informatie en verband met andere regelgeving
De CSRD staat niet op zichzelf, maar maakt deel uit van een breder Europees wetgevingskader op het gebied van duurzaamheid. De EU-taxonomie voor duurzame activiteiten bepaalt welke economische activiteiten als milieuvriendelijk worden aangemerkt. De verordening inzake informatieverschaffing over duurzame financiering (SFDR) verplicht financiële instellingen om bij hun beleggingsbeslissingen verslag uit te brengen over duurzaamheidsrisico’s.
Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) een aanvullende maatregel, die vanaf 2026 geleidelijk van kracht wordt voor de grootste ondernemingen. Deze richtlijn legt verplichtingen op met betrekking tot ketenonderzoek en het tegengaan van mensenrechtenschendingen en milieuschade.
Veel landen, waaronder Nederland, beschikken over nationale contactpunten, brancheorganisaties en kamers van koophandel die praktische ondersteuning bieden via veelgestelde vragen, webinars en hulpmiddelen. Ondernemingen moeten rekening houden met nationale uitvoeringswetgeving en toezicht door nationale autoriteiten.
Waar kun je meer informatie vinden:
- Officiële EU-publicaties via EUR-Lex
- ESRS-documenten via de EFRAG-website
- Sectorrichtlijnen van brancheorganisaties
- Nationale richtlijnen van toezichthouders op accountants
- Praktijkgidsen van kamers van koophandel
Voor het opzetten van materialiteitsanalyses, dataprocessen, rapportagestructuren en de voorbereiding van assurance-onderzoeken kan gespecialiseerde ondersteuning van groot nut zijn. Bedrijven die nu beginnen met de voorbereidingen, zorgen niet alleen voor naleving van de regelgeving, maar creëren ook een strategisch voordeel in een markt waar investeerders, klanten en andere belanghebbenden steeds meer waarde hechten aan grotere transparantie.